Paradigma-uitgaven Posts

Gecomprimeerde reynebeau met certificaat

 

14 maart 2019. Eurykleia.

 

Deze keer heb ik een kunstwerk gemaakt. Mijn eigenlijke beroep en roeping als beeldend kunstenares was op deze website al te zeer in de schaduw gebleven. Prof. Zoetesmeer zei het ook: ‘Eurykleia,’ zei hij, ‘als je niet de heilsgeschiedenis in wilt gaan als politiek commentator of als schrijfster van het kerstverhaal, zul je nu toch eens als beeldend kunstenares voor het voetlicht moeten treden.’

Dat heb ik gedaan en hier is het nu:

 

De gecomprimeerde reynebeau

met certificaat

 

De gecomprimeerde reynebeau is een balpen (designtype Cosima) in het blauw van Athene. Er bestaan nog veel andere kleuren, genoeg om een heel oeuvre in te graveren, maar ik heb dus deze keer voor de godin van de wijsheid gekozen.

Naast het logo van het Paradigma, dat we op de pen hebben laten aanbrengen, staat een citaat uit de bundel Spelbederf van Marc Reynebeau.

Met deze pen in uw hand zal het moeilijk zijn géén Vl. poëzie te schrijven! Je zet de punt nog maar op het papier en daar vloeien de gedichten al. Ze komen ter wereld als konijnen, zo vruchtbaar is deze pen.

U kunt kiezen uit vier inscripties:

(1) De sigaar/maar ook een beetje god.

Deze pen is al zo goed als uitverkocht door de grote aandrang van professoren, Zoetesmeers collega’s.

Ik hoop dat deze verzen hun weg zullen vinden naar het collectief onbewuste, dat ze het bezit zullen worden van het hele volk en zullen opgaan in de alledaagse taal. Zoals het tweede vers bijvoorbeeld, waarom zou dat geen begroetingsformule kunnen worden? ’s Morgens op kantoor, in de lerarenkamer… begroet mevrouw A een collega:

 

(2) Ze zegt: ‘De valleien.’

Collega B antwoordt: ‘Van somber zelfbeklag.’

 

Bij wijze van groet en wedergroet. Of:

 

Transgenderist C zegt: ‘Een glijbaan.’

En Prof. Daas: ‘Om op stil te zitten.’

 

Nee, pardon, dat laatste is er nog niet bij, bij de huidige oplage. Maar dit wel, wel meer een monoloog:

 

(3) ‘Een paar miljard miserabelen

Ook jij, lezer, en ik zelfs.’

 

Het vierde vers is dan weer geschikt voor bijzondere gelegenheden, als rouwbeklag bijvoorbeeld. De condoleant zegt

 

(4) ‘van de aandriften het toilet’.

De overledene antwoordt: ‘met daarin het proces ervan’.

 

De prijs voor dit eenmalige kunstwerk, voor één gecomprimeerde reynebeau is 22 €. De vier pennen samen voor 69 €. Vergeet u vooral niet te vermelden welke inscriptie u wenst.

Bij ieder exemplaar hoort een door mij, Eurykleia, getekend certificaat. Epigonen, vervalsers, profiteurs zouden kunnen proberen de reynebeau na te maken en eventueel zelfs minder ernstige apocriefe (!) teksten op de schacht te zetten! Maar met ons certificaat bent u veilig, en alleen de ware poëzie van de grote Marc krijgt een zo prominente plaats.

De geboorte van dit kunstwerk gaat natuurlijk gepaard met een geweldig atelierfeest. Maar vooralsnog moet dit in beperkte kring plaatsvinden omdat de omstandigheden het (nog) niet anders toestaan. Maar ooit… misschien het grootste volksfeest van het land!

 

 

Haar boek is bijna uit!

 

Het Paradigma heeft (vooralsnog) geen boeken die even dik zijn!

Maar het gehalte is zoveel hoger. In één paradigmaboek staat vijf keer meer dan in twaalf boeken van uw gewone merk! Aarzel dus niet!

IJlings naar https://kurtz.owncube.com/hetparadigma/2018/06/05/uitgeverij-paradigma/

 

Zomerpauze

 

Leest u ook de met de meeste smaak en oordeelsvermogen gekozen boeken!?!

 

Zomerpauze tot 1 oktober!

Maar wij werken intussen (ook) aan deze pagina. Voor geregistreerde lezers is er een extraatje op 3 september.

Wij wensen al onze lezers een goede vakantie.

Blijft u ons welgezind.

 

Coralie Coloratuur

 

 

 

 

Tussenbouw. Post-literatuur. N.a.v. “Schadow”.

29 mei 2018. Eurykleia & Coralie.

4 juni. Herzien.

 

Ontwerp: Jacob Teirlinck.

 

“Van Eyck, een echt genie, keerde terug naar

de natuur. (…) Zo is hij ononderbroken

verwikkeld in

een gevecht tegen de geest van zijn tijd.”

Arthur Schopenhauer

 

 

Nooit eerder moedigde een schrijver de Huichelarijse literatuurkritiek met meer sympathiserend medeleven aan om het niet op te geven.

Om niet af te laten te proberen zijn boek te begrijpen.

Lucas Mariën, wij je trouwe medewerkers Coralie en Eurykleia Coloratuur, we moeten wel je roman verkopen, maar we mogen geen recensie-exemplaren uitdelen?

Nee, natuurlijk niet. Het is heel die intermediaire sector die de boel belazert. Tussen de schrijver en de lezer staan intussen recensenten, redacteuren, literatuurprofessoren, lectoren, zielzorgers, stroomlijners – herinner je dat Congress of Cultural Freedom van de CIA ook, Coralie, je hebt er zelf over geschreven. https://kurtz.owncube.com/hetparadigma/2018/02/28/innerlijk-leven-van-het-vijgenblad/ ‘Sla hem dood, hij is een recensent’, zegt Goethe in een beroemd gedicht. Ik heb lang in tweestrijd gestaan. In geval van twijfel laat ik de wetten van de literatuur altijd prevaleren op die van de mensen. Ik had dus een stevige meidoornknuppel gesneden, uit zo’n haagkant, en ik ging een recensent staan opwachten, maar die dag kwam er juist geen, of hij had zich verkleed. Intussen heb ik het gevoel, met die digitale mogelijkheden die we nu hebben, dat de ‘officiële’ literatuur met de dag irrelevanter wordt. Ze kunnen recenseren wat ze willen. Maar het waren wel die intermediaire structuren… Oswald von Nell-Breuning, de nog steeds invloedrijke jezuïet, specialist van de katholieke maatschappijleer, die schrijft daarover, over het beïnvloeden van de tussenpersonen. De echte intellectuelen kun je niet krijgen, die zijn niet katholiek, is de idee. Ergo organiseer de tweederangs, de tussenpersonen die de eersterangs stokken in de wielen kunnen steken. Ik heb ooit iets gelezen over de KGB, de geheime dienst van de Sovjets indertijd. Die rekruteerde bij voorkeur ook mislukte existenties, geschonden individuen, getraumatiseerden. Die waren als eersten bereid om als agenten en verklikkers te werken. Melissa Baghijn is trouwens ook begonnen met een ‘dichtbundel’ van de soort die we kennen, https://kurtz.owncube.com/hetparadigma/2017/08/28/uit-reynebeaus-lyriek/, alvorens ze een van de gevaarlijkste agenten van Opus Dei en de CIA werd.

Intermediairs zijn de hefboom om het culturele leven te beïnvloeden. En die koop je met functies, met mogelijkheden om iets te verdienen, met networking of hoe dat tegenwoordig allemaal heet.

2

Iemand als Kristien Hemmerechts, hevig bekoord door de charmes en de intellectualiteit van Herman de Coninck, is zo’n schrijfster die dan zelf probeert de tussensector te bespelen. Me too heeft ze gedacht. Dat is juist het verschil met echte schrijvers als bijvoorbeeld Willem Frederik Hermans. Bij Hermans zie je steeds die angst dat de indruk zou kunnen ontstaan dat het iets anders zou zijn dan zijn werk, waarop zijn roem steunt. Iemand als hij wil het maken als schrijver. Stientje daarentegen geeft te kennen dat ze geen vertrouwen heeft in eigen talent en werk. Door zich te liëren met iemand als de Coninck, anders doe je zoiets niet. Als schrijver kón ze het niet maken. Maar ze had haar hartstocht tóch moeten bedwingen, daar is niets aan te doen. Het zich ontzeggen, de Entsagung is een thema dat bij Goethe eigenlijk altijd aanwezig is. Hij was daar ook een meester in, in het uit de weg gaan van wat een nadelige invloed zou kunnen hebben op het scheppingsproces, op de hele literaire gang van zaken.

Dat Herman de Coninck die activiteiten met die jarretels zo opgeruimd beschreef en uitbazuinde, dat had Kristien bij voorbaat moeten weten. Wie bij de hond slaapt, zegt de volksmond, die moet niet verbaasd zijn dat hij vlooien krijgt. Echte talenten zijn daar tegen gewapend. Ze laten zich niet in met zo iemand. Ze zullen er zelfs voor zorgen dat ze worden tegengewerkt, dat ze genoeg vijandschap wekken – en die tegenstand dan overwinnen tot meerdere roem van de kunst.

Stientje had er bovendien aan moeten denken dat ze, als ze voor een schrijfster wou doorgaan, dat ze dan de literatuur ook moest representeren. Zo’n laag individu was bijgevolg onaanspreekbaar voor haar, dat kon dan gewoon niet. Het zou toch een schande zijn voor heel de kunst…

“De heilig krans van de roem

Zag ik, ontwijd op die gemene kop”,

zegt Schiller. En dan moeten andere schrijvers het oplossen, en zorgen dat de waardigheid van de kunst hersteld wordt.

Ik heb trouwens gelezen dat Stientje zich écht door hem liet tutoyeren. Dat is toch alleen maar denkbaar in een land waar geen literaire cultuur bestaat, waar ze alleen dat katholieke alsof kennen.

De manier waarop literatuur het publiek bereikt, de hele sector van uitgeverij, van de zogenaamde kritiek – we zijn daaraan gewoon geraakt, maar het is geen ijzeren natuurwet. Die hele tussenbouw is in feite bijkomstig. Wolfram von Eschenbach ging van burcht tot burcht om zijn meesterwerken voor te dragen en zijn publiek waren hoofdzakelijk vrouwen. De mannen waren bezig met de jacht of het doodknuppelen van lijfeigenen. Niettemin was Wolfram tevreden met die dames, hij schreef voor hen. De uitgeverswereld bestond niet, maar dat maakte kennelijk niet uit. Het was een literatuur die functioneerde.

Maar het volstaat niet om de intermediaire structuren buiten spel te zetten. Het gaat ook om grote principes, om de aantasting van de fundamenten van de kunst de voorbije decennia, het uitgeven van het surrogaat voor het echte.

3

Woorden en begrippen zijn vatbaar zijn voor verdraaiing, manipulatie, gewoontevorming. Allerlei invloeden zetten zich als sediment op ze vast. Ze worden onherkenbaar van de aangekoekte ballast.

De neostructuralisten waren erg begaan met deconstructie. Ze spoorden ideologische en andere bijmengsels van begrippen op en toonden aan dat betekenissen niet gratuit waren, maar dat er vaak machtsfactoren een rol in speelden. Voor hen bestonden er ook geen feiten, alleen interpretaties. Voor een klassieke kunstopvatting is dat een onvruchtbare invalshoek – het is romantisch. ‘Iets is, en als iets is, is het waar. Maar als iets niets is, dan is er alleen maar herrie.’ (Willem Frederik Hermans: Scheppend Nihilisme, p. 189)

Ondanks de massieve steun voor het neostructuralisme en het postmodernisme bleef een deel van de Duitse filosofie sceptisch. Het postmodernisme met name was al gauw gewogen en te licht bevonden. In filosofische kringen werd het afgedaan als meer iets voor sociologen en literatuurwetenschappers.

Het was nochtans een literatuurwetenschapper van de Humboldt-universiteit, Klaus Laermann, die een van de dodelijkste pijlen afschoot, een stuk met de onvergetelijke titel ‘Lacancan und Derridada’, en het bleef ook voor de rest rommelen. Manfred Frank schreef een kritisch werk over het neo-structuralisme. Ook jongere filosofen in Italië (Maurizio Ferraris) en Duitsland (Markus Gabriel) springen de jongste jaren voor een nieuw realisme in de bres.

Iemand van de oudere generatie die ik speciaal wil vermelden was de filosoof Wolfgang Marx, die hoogleraar was in Bonn. Hij probeerde het denken te redden, uitgaande van de kritiek van Kant. Een opmerkelijk boek van hem[1] is gewijd aan de negatieve en vervreemdende invloed van de kunstfilosofie op de kunst.

Jacques Derrida poneerde intussen dat verdraaide, verwaterde begrippen niet gered of gerestaureerd konden worden. Ze blijven altijd hopeloos bezoedeld en een oorspronkelijke, onaangetaste betekenis is volgens hem niet meer te achterhalen.

Ludwig Wittgenstein had daarentegen het bad van de alledaagse taal aangeprezen om de taal te ontslakken, om weer door te dringen tot de kern, tot de levende substantie ervan. Met behulp van die alledaagse, gewone taal zou er een schoonmaak mogelijk zijn, zou de van filosofische en andere jargons bevrijde taal ons weer in verbinding kunnen brengen met het ware. Het is met woorden als met vogels die het slachtoffer geworden zijn van een oliepest. In de Derrida-optie zijn ze verloren; volgens Wittgenstein kunnen ze schoongemaakt en gered worden, dankzij de gewone taal.

De geredde vogels: dit is het symbool van de ecologische klassiek, die het vervalste beeld van de literatuur zoekt te saneren met behulp van de ideeën van schrijvers die verstand hadden van hun vak. Weg met het jargon van filosofie en literatuurwetenschap, terug naar de ervaringen van de dichters zelf – de Ars Poetica van Horatius, de brieven van Gustave Flaubert, de opstellen van Giacomo Leopardi – er is zo veel.

Voor een klassieke kunstopvatting kan in kunst niet alles vloeiend zijn. Er is een vaste kern. Niet alleen het gebruik bepaalt de betekenis, er is iets dat daaraan voorafgaat. De ecologische klassiek beoefent een archeologisch schrijven: al schrijvend de heilige, eeuwige, onveranderlijke wetten van de literatuur blootleggen. De ware ideeën over deze kunst ecologisch aanpakken, zoals de te redden vogels.

Iedere klassieke kunst heeft dat in feite voorgedaan.

Willem Frederik Hermans leidt ons naar het zuiverste, het hoogste, de klassiek van Weimar, de Grieken. Er is geen verworvenheid, het is een opgave. Het is de remedie tegen de post-literatuur.

Ook de machtige figuur van Jan van Eyck is een leraar in kunstzaken.

4

Voor de Huichelarijse kritiek is mijn roman Schadow intussen te hoog gegrepen. Ze slagen er nu al honderd jaar niet in Van Ostaijen te recipiëren, Walschap ook niet. Bij Hugo Claus is het weer anders, daar gaat het om óver-receptie: bij die ontdekken ze steevast literaire kwaliteiten die er niet zijn. Literatuurwetenschappers van de universiteit van Antwerpen zitten vroom geknield en innerlijk ontdaan voor de grot als eenvoudige herderskinderen in Lourdes. Als ze maar lang genoeg op hun knietjes blijven zitten, krijgen ze die verschijningen.  https://kurtz.owncube.com/hetparadigma/2017/09/29/hugo-claus-charlatan/

Het is uitgesloten dat ze van Schadow veel zullen begrijpen. Zelfs als ze niet corrupt zouden wezen – ze zouden gewoon het verstand niet hebben. Ze weten niets, zijn niet belezen, niet thuis in literaire debatten. Kom hun niet af met de anti-Prometheus, ze weten niet wat dat is, wat dat cultuurhistorisch betekent. Of wat een klassieke roman is. Bijvoorbeeld De Française van Walschap, een mijlpaal in de Nederlandse literatuur, na het verdict van Hermans dat er nog geen Nederlandse klassieke roman bestond. Kort daarop Walschap dus, toch een spectaculaire gebeurtenis! https://kurtz.owncube.com/hetparadigma/2017/05/22/hermans-walschap-klassiek/

Maar om dat te zien, om het spectaculaire te begrijpen, heb je een zekere dosis verstand nodig, een bagage die ze niet hebben, vakkennis, belezenheid.

Dat is zoals een componist moet kunnen inschatten of een bepaald ensemble een bepaalde passage zal kunnen spelen. ‘Wat u daar geschreven hebt is onspeelbaar op een trompet,’ zei een trompettist eens tegen Beethoven. Die pakte nogal eens een post! ‘Wat kan mij jouw ellendige trompet schelen,’ riep de componist. Zo ben ik dus niet. Ik moedig aan en geef raad: leer eerst eens noten lezen, gooi die Humo-boekjes eens buiten, zet die popmuziek af… Ik weet dat het dan nóg te moeilijk is, maar ik stimuleer tenminste. Geen professor kan dus kwaad op me zijn.

Dank zij het internet kan iedereen al die amateurs nu missen. De geëmancipeerde lezer die dat wil kan onze boeken zelf vinden, en meer is er niet nodig. Dat is de manier waarop literatuur functioneert – niet de namaak die daar in Huichelarije voor doorgaat.

Onze website levert genoeg materiaal, hoop ik, om er zin in te krijgen, om nieuwsgierig te worden naar onze producties. Wie die prikkels niet aanvoelt, zal aan Paradigmaboeken ook niets hebben. Toen ik veertien jaar was heb ik voor het eerst een boek van Walschap gelezen. En ik wist meteen dat ik rust nog duur meer zou kennen, zolang ik niet álles gelezen had wat die man geschreven had. Zo vergaat het echte lezers, de lezers die mij interesseren.

Mensen leren elkaar kennen. De meesten zeggen je niets. Af en toe ontmoet je iemand met wie je nader kennis zou willen maken. Zo is het ook met lezers en schrijvers. Dat is alles.

——————————————

  1. Wolfgang Marx: Ästhetische Ideen. Untersuchungen über die Grundlagen einer Theorie der Kunst. Bonn 1981.

 

 

Uitgeverij Paradigma

Hieronder vindt u de boeken van Het Paradigma. U kunt bestellen door naar het boek in kwestie te gaan (op de rubriekenbalk, “Uitgeverij Paradigma”, hierboven uiterst rechts) en dan op de bestelknop te drukken bij het boek in kwestie. U ontvangt dan een formulier met alle nodige gegevens, ook in verband met bescherming van privacy etc.

De start van Schadow komt ongelukkig heel dicht in de buurt van een periode van twee weken dat de kantoren van onze uitgeverij gesloten zijn. Bestelt u zonder verwijl: wij brengen nog leveringen naar de post tot donderdag 14 juni. Daarna pas weer op 29 juni – en dan ononderbroken. Normaal gesproken gaan wij twee keer per week naar de post, zodat u op het bestelde boek nooit langer dan een paar dagen hoeft te wachten.

Blijft u ons welgezind.

ciao,

 

Eurykleia

 

 

Alle lust wil eeuwigheid

 

 

 

 

 

Alle lust wil eeuwigheid bevat zeven – sommige daarvan nooit eerder gepubliceerde – verhalen van Lucas Mariën : Titanic, Vermetel kamperen, Immaculée, De macht van de tiktiri, Heren van het morgengrauwen, Tine had toch nooit kunnen roeien!, Alle lust wil eeuwigheid.

De bundel wordt voorafgegaan door het veelbesproken Traktaat van het alsof, een essay van 90 pagina’s waarin niet alleen de vraag wordt gesteld naar de afwezigheid van literatuur in het gebied dat het centrum van Europa uitmaakt, naar de onderdrukking van dit deel van de Nederlandse literatuur, maar ook naar het in rook opgaan van de door Walschap en Van Ostaijen ingeleide revolutie.
De traditionele katholieke onderdrukking wordt de voorbije decennia aangevuld door die van links. Waarom is de literatuur even corrupt als de justitie? Waarom is er over literatuur geen discours op academisch niveau? En over de post-literatuur en haar tegengif: de ecologische klassiek.

 

Alle lust wil eeuwigheid
Berlijn 2017
272 pagina’s
16 euro – Verzending inbegrepen

 

De Vissende Kat – Hermansnummer

 

Uitgeput!

Maar de belangrijkste bijdragen uit dit Hermansnummer

komen in Mariëns eerste Hermansboek.

Hierover binnenkort meer.

 

https://i1.wp.com/kurtz.owncube.com/hetparadigma/wp-content/uploads/2017/11/cover-VK-definitief.jpg?resize=940%2C665&ssl=1

 

Een uitgave van het Front voor meer Moeilijkheid.
Auteur : Lucas Mariën
Het Vissende Kat-nummer dat helemaal aan Willem Frederik Hermans gewijd is.

Nog maar enkele exemplaren!

De Vissende Kat – Hermansnummer
maart 2010
2de druk
33 pagina’s
7,5 euro – Verzending inbegrepen

Uitverkocht! NEE! We hebben nog enkele exemplaren gevonden!!!

Het Hermansnummer van de Vissende Kat zal grotendeels worden opgenomen in het eerste Hermans-boek van Het Paradigma.

 

 

Schadow

 

 

 

Biedermeiertijd. Dowendans, de “eerste Nederlander op de Witte Berg”, krijgt van de beroemde dichter Oud IJzer de opdracht om een portret te zoeken van zijn voormalige vriend, de schilder Schadow. Daarvoor moet hij langs diens weduwe Friederike passeren en is de confrontatie met Cäcilie, Schadows zus en Dowendans’ voormalige grote liefde, onvermijdelijk.
Dowendans wil zijn versie van de tocht naar de berg nu publiek maken.
Hij ontmoet een medicus die beweert dat de psyche net zo goed beschreven en behandeld kan worden als het lichaam.
Tegen de achtergrond van de dreigende putsch tegen het Koninkrijk der Nederlanden en de afscheuring van de zuidelijke provincies, gaat hij op bezoek bij een bekende landgenoot in Wenen: Louis van Beethoven.

 

 

Schadow
Berlijn, juni 2018
340 pagina’s
21 euro– Verzending inbegrepen

 

 

Een gecomprimeerde reynebeau met certificaat

 

 

 

 

 

 

 

 

De Zwijgende Profeet

 

verschijnt in oktober 2019

 

 

error: Kopij bescherming !!